Rouwdienst op 3 april
Op 3 april was ik aanwezig bij de rouwdienst in De Olifant. Het werd een avond die niet alleen in het teken stond van afscheid, maar vooral van woorden die bleven hangen.
Een van de sprekers nam ons mee terug naar 19 maart. Een moment dat toen nog gewoon een bijeenkomst was, in hetzelfde gebouw. Niemand kon vermoeden dat het de laatste keer zou zijn dat zij hem daar zouden ontmoeten. Juist dat besef kwam hard binnen. Hoe vanzelfsprekend momenten soms lijken, terwijl ze achteraf een definitieve betekenis krijgen.
Er werd gesproken over de gesprekken die met hem werden gevoerd. Niet altijd eensgezind, maar wel open en eerlijk. Er was ruimte om te zeggen wat je dacht. En er werd geluisterd. Dat is misschien wel wat hem typeerde: iemand die stevig stond in zijn overtuigingen, maar het gesprek nooit uit de weg ging.
Een andere spreker bracht het terug naar de kern van het leven zelf. Wij maken plannen, maar uiteindelijk bepaalt het leven zijn eigen verloop. Vandaag zijn we hier, morgen weten we niet wat komt. Het zijn woorden die we vaak horen, maar op zo’n moment echt binnenkomen.
Wat mij raakte, was de poging om zijn betekenis onder woorden te brengen. Er werd gezegd dat, zelfs als we al het papier van de wereld zouden gebruiken en al het water in inkt zouden veranderen, het nog niet genoeg zou zijn om alles te beschrijven wat hij heeft betekend. Dat gevoel was in de hele zaal voelbaar: woorden schieten tekort.
Tegelijkertijd klonk er ook een duidelijke oproep. Misschien is niet alles afgerond, misschien is zijn werk niet volledig voltooid, maar dat betekent dat het nu aan anderen is om verder te gaan. Om de lijn door te zetten, om niet stil te vallen.
Er werd ook stilgestaan bij de vergankelijkheid van het lichaam en de kracht van de ziel. Dat het lichaam slechts tijdelijk is, maar dat wat iemand achterlaat, zijn waarden, zijn inzet, zijn invloed, blijft voortbestaan. Het was een moment van reflectie dat verder ging dan alleen afscheid nemen.
Aan het einde werd hij nog eens neergezet zoals velen hem kenden: als iemand die stond voor recht en orde, die verantwoordelijkheid nam en die verder keek dan de dag van morgen. Iemand die niet werkte voor de volgende verkiezing, maar voor de volgende generatie.
Voor mij persoonlijk zat de kracht van deze avond in de samenhang van al deze woorden. In de verschillende stemmen die uiteindelijk één boodschap uitdroegen: het verlies is groot, maar we mogen niet blijven stilstaan.
We moeten verder. Met wat is achtergelaten. Met wat ons is meegegeven.

